Eerste boek

Richtlijnen voor het innerlijk leven

Hoofdstuk 14
Vermijd het lichtvaardig oordeel

  1. Zie eens goed naar uzelf en pas op dat gij over de daden van anderen niet oordeelt.

  2. Bij het oordelen over anderen verricht een mens vergeefse arbeid, vergist hij zich meermalen en komt allicht tot zonde, maar als hij zichzelf beoordeelt en onderzoekt, is zijn arbeid altijd vruchtbaar.

  3. Zoals een zaak ons raakt, wordt ze dikwijls ook door ons beoordeeld; want het juiste oordeel ontsnapt ons maar al te licht wegens onze eigenliefde.

  4. Als wij bij onze verlangens nooit iets anders bedoelden dan God alleen, zouden wij niet zo snel in verwarring raken bij de weerstand van ons gevoel.

  5. Maar soms is er in ons iets verborgen of komt er iets van buiten bij dat ons evenzeer meetrekt.

  6. Velen zoeken in de dingen die zij doen onbewust zichzelf en zijn er totaal onkundig van.

  7. Zij leven naar de schijn in volle vrede zolang alles naar hun wens en inzicht gaat.

  8. Maar valt het anders uit dan zij begeerden, dan zijn ze snel in onrust en terneergeslagen.

  9. Wegens verschil van gevoelen en van mening ontstaat vaak twist onder vrienden en medeburgers, ook onder kloosterlingen en vrome mensen.

  10. Van een oude gewoonte ziet men niet gemakkelijk af en niemand laat zich graag verder leiden dan zijn eigen inzicht reikt.

  11. Als gij meer steunt op uw eigen verstand en toeleg dan op de alles ondersteunende kracht van Jezus Christus, dan zult gij maar zelden en zeer laat een innerlijk verlicht mens zijn. God wil immers dat wij volmaakt aan Hem zijn onderworpen en door een brandende liefde uitgaan boven alle redenering.

Hit Counter sinds 19-09-2002