Tweede boek

Aansporingen tot innerlijk leven

Hoofdstuk 7
De liefde tot Jezus gaat boven alles

  1. Gelukkig wie begrijpt wat het is Jezus lief te hebben en zichzelf nietig te achten om Jezus' wil.

  2. Men moet alles wat men liefheeft voor deze liefde laten varen, want Jezus wil alln en vr alles de liefde van uw hart.

  3. De liefde van een schepsel is bedrieglijk en onstandvastig; op de liefde van Jezus kan men rekenen: zij duurt voort.

  4. Wie zich aan een schepsel hecht zal wankelen met wat wankel is: wie zich aan Jezus geeft zal bevestigd worden voor altijd.

  5. Heb Hem lief en houd Hem vast als uw vriend, die als allen heengaan u niet zal verlaten en niet zal dulden dat gij uiteindelijk nog verloren gaat.

  6. Of gij wilt of niet, eens zult gij van allen afscheid moeten nemen.

  7. Houd u bij Jezus in leven en dood; vertrouw u toe aan de trouw van Hem die als allen te kort schieten alleen in staat is u te helpen.

  8. Uw Geliefde is zo dat Hij geen ander naast zich duldt; maar Hij wil uw hart alleen hebben en daar zijn plaats innemen als een koning op zijn troon.

  9. Als gij u voorgoed van al het geschapene wist vrij te maken, dan zou Jezus wel graag bij u wonen.

  10. Gij zult ervaren dat vrijwel alles zonder waarde is wat gij buiten Jezus van de mensen hebt verwacht.

  11. Vertrouw of steun toch niet op riet dat meebuigt met de wind, want alle lichamelijkheid is als gras: heel haar schoonheid zal ook verdwijnen als een bloem op het veld (Jes. 40 : 6, 7).

  12. Gij zult snel teleurgesteld zijn als gij alleen maar op de uiterlijke schijn van de mensen let.

  13. Als gij namelijk bij anderen troost en voldoening zoekt, zult gij bedrogen uitkomen.

  14. Als gij in alles Hem zoekt, ja dn zult gij Jezus vinden.

  15. Zoekt gij echter uzelf, dan zult gij uzelf ook vinden maar daaraan te gronde gaan.

  16. Want een mens doet zichzelf meer schade als hij Jezus niet zoekt dan de hele wereld en al zijn vijanden samen zouden kunnen doen.